Wie heeft het recht op geel? Chocomel wint van Cacaolat.
Waar draait de zaak om?
Wie aan Chocomel denkt, denkt waarschijnlijk niet alleen aan chocolademelk, maar ook aan de kenmerkende gele verpakking.
Dat geel blijkt juridisch behoorlijk waardevol.
FrieslandCampina, eigenaar van Chocomel, maakte bezwaar tegen een Benelux-merkaanvraag van het Spaanse Grupo Cacaolat. Niet zozeer vanwege de naam Cacaolat, maar vanwege de gele achtergrond van het logo. Die kleur kwam volgens FrieslandCampina te dicht in de buurt van het geel dat al jarenlang met Chocomel wordt geassocieerd.
Het Benelux-Bureau voor de Intellectuele Eigendom (“BOIP”) geeft FrieslandCampina in zijn beslissing van 30 september 2026 gedeeltelijk gelijk. Opvallend genoeg niet omdat sprake is van verwarringsgevaar, maar omdat Cacaolat voor een deel van haar producten ongerechtvaardigd voordeel trekt uit het onderscheidend vermogen en de reputatie van het Chocomel-kleurmerk.
Een merk dat alleen uit geel bestaat
FrieslandCampina beschikt sinds 2013 over een Benelux-kleurmerk voor Yellow (PMS 116 Uncoated) voor chocolademelk.
Het merk bestaat dus niet uit de naam Chocomel of een logo, maar uitsluitend uit een specifieke kleur geel.
Cacaolat diende in maart 2025 een aanvraag in voor een merk bestaande uit het woord Cacaolat in donkerbruine letters tegen een donkergele achtergrond.


FrieslandCampina vond de gebruikte kleur nagenoeg identiek aan haar kleurmerk en stelde oppositie in. Overigens waren partijen al eerder verwikkeld in een vergelijkbare procedure over een vrijwel identiek Cacaolat-logo.
Kan een kleur eigenlijk een merk zijn?
Ja, maar de lat ligt relatief hoog. Consumenten zijn immers niet zonder meer gewend om uit alleen een kleur de commerciële herkomst van een product af te leiden. Door langdurig, intensief en consequent gebruik kan een kleur echter voldoende onderscheidend vermogen verkrijgen en als herkomstaanduiding gaan functioneren.
FrieslandCampina onderbouwde haar positie onder meer met verpakkingen, reclame-uitingen, verkoopgegevens en marktonderzoek. Uit onderzoek bleek dat gemiddeld 40% van het relevante publiek in Nederland en België Chocomel/Cécémel spontaan herkende uitsluitend aan de gele kleur van de verpakking. Het BOIP concludeert dat het kleurmerk een reputatie heeft in de Benelux voor chocolademelk.
Interessant is dat het geel in de praktijk vrijwel steeds samen met de naam CHOCOMEL of CÉCÉMEL wordt gebruikt. Dat staat zelfstandig merkgebruik volgens het BOIP niet in de weg. Juist doordat de kleur consequent, prominent en herkenbaar wordt toegepast op verpakkingen en in reclame, functioneert zij als aanduiding van commerciële herkomst.
Geen verwarringsgevaar
Op het eerste gezicht zou je verwachten dat de zaak draait om de vraag of consumenten Chocomel en Cacaolat door elkaar halen.
Het BOIP oordeelt echter dat daarvan geen sprake is.
Het woord CACAOLAT vormt het meest onderscheidende element van het aangevraagde merk. De gele tinten zijn weliswaar op het eerste gezicht identiek of zeer sterk gelijkend, maar door het prominente woordelement verschillen de merken voldoende van elkaar.
De gemiddelde consument zal daarom niet aannemen dat producten van Cacaolat afkomstig zijn van FrieslandCampina of van een economisch verbonden onderneming. Ook de bekendheid van het Chocomel-kleurmerk maakt dat niet anders.
Maar?
Geen verwarringsgevaar dus. Maar daarmee is de zaak niet afgelopen.
Een bekend merk krijgt ruimere bescherming
FrieslandCampina deed namelijk ook een beroep op de ruimere bescherming voor bekende merken van artikel 2.2ter lid 3 sub a BVIE.
Daarvoor is geen verwarringsgevaar vereist. Voldoende kan zijn dat het relevante publiek een “link” legt tussen het jongere teken en het bekende oudere merk en dat het jongere teken daardoor ongerechtvaardigd voordeel trekt uit het onderscheidend vermogen of de reputatie van dat merk.
Voor chocolade- en cacaodranken ziet het BOIP zo’n link wel. Juist omdat het Chocomel-geel een sterke reputatie heeft voor chocolademelk, zal het publiek bij gebruik van een vrijwel identieke tint voor vergelijkbare producten aan Chocomel denken.
Meeliften op de reputatie van Chocomel
Daarmee komt het BOIP bij het belangrijkste punt: “free-riding”.
Volgens het BOIP kan de positieve uitstraling van het bekende Chocomel-kleurmerk worden overgedragen op de producten van Cacaolat. Dat kan de marketing en verkoop van die producten vergemakkelijken, waardoor Cacaolat profiteert van de investeringen en reputatie die FrieslandCampina gedurende vele jaren heeft opgebouwd.
Daarbij weegt mee dat Cacaolat eerder een andere tint geel gebruikte en vervolgens koos voor een kleur die vrijwel overeenkomt met het Chocomel-geel. Omdat partijen bovendien concurrenten zijn op de markt voor chocolademelk, vindt het BOIP het moeilijk om die keuze als louter toevallig te beschouwen.
Ook Cacaolat’s argument dat geel nu eenmaal bij cacao en chocolade hoort, slaagt niet. Volgens het BOIP is juist deze specifieke tint niet noodzakelijk om naar cacao te verwijzen. Er zijn voldoende andere kleuren – en andere tinten geel – beschikbaar.
Kort gezegd: Cacaolat mag niet zonder meer meeliften op de aantrekkingskracht van het bekende Chocomel-geel.
Niet al het geel is van Chocomel
De beslissing betekent niet dat FrieslandCampina een algemeen monopolie heeft op geel voor alles wat met chocolade te maken heeft.
Het BOIP trekt juist een duidelijke grens. Voor producten zoals koffie, chocolade, koekjes, gebak, ijs en chocoladepasta is de afstand tot chocolademelk volgens het BOIP te groot. Voor die producten zal de consument door de gele kleur niet zonder meer aan Chocomel denken.
De oppositie wordt daarom slechts gedeeltelijk toegewezen. Het Cacaolat-merk wordt geweigerd voor onder meer cacao, chocolade- en cacaodranken, drinkchocolade, chocoladepoeder en preparaten voor chocoladedranken. Voor onder meer koffie, chocolade, koekjes, ijs en gebak kan de registratie wel doorgaan.
Wat kunnen ondernemers hiervan leren?
De uitspraak laat goed zien hoe waardevol een consequent opgebouwde merkidentiteit kan zijn.
Een merk hoeft niet uitsluitend uit een naam of logo te bestaan. Ook een kleur, vorm of geluid kan als merk worden beschermd wanneer het publiek daarin daadwerkelijk een herkomstaanduiding ziet.
Daarnaast laat deze zaak zien dat merkenrechtelijke bescherming verder gaat dan alleen verwarringsgevaar. Ook zonder dat consumenten denken dat twee producten van dezelfde onderneming afkomstig zijn, kan gebruik van een overeenstemmend teken ontoelaatbaar zijn wanneer daarmee wordt aangehaakt bij de reputatie van een bekend merk.
Voor ondernemers is de les dan ook tweeledig. Kijk bij de ontwikkeling van een merk of verpakking niet alleen naar namen en logo’s, maar ook naar andere herkenbare elementen van concurrenten. En andersom: wanneer een kleur, vorm of ander element inmiddels sterk met jouw onderneming wordt geassocieerd, kan het de moeite waard zijn om te onderzoeken of daarvoor zelfstandige merkbescherming mogelijk is.
Vragen over merkregistraties, kleurmerken of de bescherming van uw merkidentiteit?
Neem gerust contact met ons op.