De lezers uit Utrecht weten waarschijnlijk precies wat het is: een “Broodje Mario”, een Italiaanse bol met salami, chorizo, kaas, rauwkost en groene pepers. De smaak schijnt niet te evenaren te zijn, maar daar ging gelukkig de discussie niet over. Smaken zijn immers niet te beschermen, zo weten we sinds het Heksenkaas-debacle.

Broodje Mario wordt in Utrecht niet alleen gebruikt voor dit broodje, maar is ook de naam van de bakkerij die het broodje maakt. Eerder dit jaar is de bakkerij overgenomen en de nieuwe eigenaar gebruikt “Sfizio Mario” als naam voor zijn onderneming. Mondeling hebben de oude en de nieuwe eigenaar afgesproken dat het merk “Broodje Mario” niet wordt gebruikt en dat de nieuwe eigenaar geen broodje met die naam zal verkopen.

De eigenaar van “Broodje Mario” stelt dat er door het gebruik van de naam “Sfizio Mario” inbreuk wordt gemaakt op zijn handelsnaamrechten. Het gevaar zou bestaan dat klanten denken dat ze een broodje bij hem kopen in plaats van bij zijn opvolgende concurrent of klanten zouden kunnen denken dat er een band bestaat tussen beide ondernemingen.

Deze zaak lag recent voor aan de rechtbank in Utrecht[1]. Hoewel de rechter oordeelt dat “Broodje Mario” grote bekendheid geniet in Utrecht, geldt dat niet voor “Mario”. Alleen de combinatie van de twee woorden is bekend, zo meent de rechter. Nu het alleen de persoonsnaam is die in beide handelsnamen voorkomt, is dit onvoldoende om verwarringsgevaar aan te nemen. De verwarring die bij het publiek wel is ontstaan, wordt veroorzaakt omdat het Broodje Mario voorheen op dezelfde locatie werd verkocht, maar zou niet door de nieuwe naam van de broodjeszaak komen.

Ik vraag me af of deze beslissing wel juist is. Broodje Mario zou zich hier mogelijk op nawerking van de handelsnaam kunnen beroepen. Als de broodjeszaak zo bekend was dat het winkelende publiek nog steeds denkt dat de ’oude’ Broodje Mario nog op dit adres is gevestigd, dan lijkt Broodje Mario nog steeds handelsnaambescherming in te kunnen roepen. Er moet immers rekening worden gehouden met ‘alle omstandigheden van het geval’. Maar misschien was daar in dit kort geding geen ruimte voor. Ik denk dat dit niet de laatste keer is dat we van Broodje Mario horen. Zo krijgt het Utrechtse broodje ook bekendheid in de rest van het land!

[1] https://uitspraken.rechtspraak.nl/inziendocument?id=ECLI:NL:RBMNE:2018:3617